
Klaagzang tegenover het leven – Job 3, 1-26
Hierna opende Job zijn mond en vervloekte zijn bestaan. Zo begon hij: Weg met de dag waarop ik werd geboren, weg met de nacht die

Hierna opende Job zijn mond en vervloekte zijn bestaan. Zo begon hij: Weg met de dag waarop ik werd geboren, weg met de nacht die

De volgende dag stond Johannes daar weer, nu met twee van zijn leerlingen. Hij richtte het oog op Jezus die voorbijging en sprak: “Zie, het

Op die dag zult gij zeggen: Ik loof u, Jahwe; Gij waart toornig op mij, maar uw toorn is bedaard en Gij hebt mij getroost.Â

In het voorbijgaan zag Hij een man die blind was van zijn geboorte af. Zijn leerlingen vroegen Hem: “Rabbi, wie heeft gezondigd, hijzelf of zijn

Toen hieven Mozes en de Israëlieten ter ere van Jahwe dit lied aan: Jahwe is mijn sterkte en kracht; Hij heeft mij gered: Jahwe is

Mozes gaf het volk ten antwoord: `Vrees niet en blijf volhouden: dan zult u zien hoe Jahwe u vandaag nog zal redden. Want vandaag ziet

Toen zij de plaats bereikt hadden die God hem had aangewezen, bouwde Abraham daar een altaar, stapelde er het hout op, bond zijn zoon Isaak

Hierna gebeurde het dat God Abraham op de proef stelde. Hij zei tot hem: `Abraham.’ En hij antwoordde: `Hier ben ik.’Â Hij zei: `Ga met

Terwijl Hij zo aan het spreken was, verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep Hem toe: ‘Gelukkig de schoot die U gedragen

Wie van boven komt, staat boven allen. Wie van de aarde is, behoort tot de aarde en spreekt de taal van de aarde. Wie uit