
Gebed in de buik van de vis – Jon 2, 1-11
Nu zond Jahwe een grote vis om Jona te verzwelgen. En Jona was in de buik van de vis, drie dagen en drie nachten. En

Nu zond Jahwe een grote vis om Jona te verzwelgen. En Jona was in de buik van de vis, drie dagen en drie nachten. En

Maar Jahwe smeet hevige wind op de zee en er brak op de zee zo een hevige storm los, dat het schip dreigde te breken.

Het woord van Jahwe werd gericht tot Jona, de zoon van Amittai: ‘Sta op, ga naar Nineve, de grote stad Nineve, en zeg haar aan,

Van Paulus, gevangene van Christus Jezus, en onze broeder Timóteüs, aan onze beminde medewerker Filémon, Appia, onze zuster, Archippus, onze wapenbroeder, en de gemeente die

Hierna opende Job zijn mond en vervloekte zijn bestaan. Zo begon hij: Weg met de dag waarop ik werd geboren, weg met de nacht die

s Morgens vroeg verscheen Hij weer in de tempel en al het volk kwam naar Hem toe. Hij ging zitten en onderrichtte hen. Toen brachten

De volgende dag stond Johannes daar weer, nu met twee van zijn leerlingen. Hij richtte het oog op Jezus die voorbijging en sprak: “Zie, het

In de loop van deze vele jaren was de koning van Egypte gestorven. Maar de Israëlieten zuchtten nog steeds onder hun dwangarbeid en zij klaagden

Op die dag zult gij zeggen: Ik loof u, Jahwe; Gij waart toornig op mij, maar uw toorn is bedaard en Gij hebt mij getroost.Â

In het voorbijgaan zag Hij een man die blind was van zijn geboorte af. Zijn leerlingen vroegen Hem: “Rabbi, wie heeft gezondigd, hijzelf of zijn