3 oktober 2026 – Zaterdag in de 26e week door het jaar

Lezingen

Evangelielezing

Lezing

Hymne

720

Psalmen

981

Lauden

Hymne

721

Psalmen

983

KS

986

Middaggebed

Hymne

758

Psalmen

988

KS

990

Vespers

Hymne

691

Psalmen

992

KS

995

Completen

Hymne

682

Psalmen

1201

Eerste lezing

Job 42, 1-3. 5-6. 12-17

Toen gebeurde het dat Job aan de Heer het volgende antwoord gaf: “Ik heb erkend, dat Gij alle macht hebt; niets wat Gij wilt, wordt U geweigerd. Daarom sprak ik in domheid, over dingen, te wonderbaar voor mijn begrip. Van horen zeggen had ik over U gehoord; maar nú hebben mijn ogen U aanschouwd. Daarom herroep ik mijn woorden en doe ik boete in stof en as.”
Toen zegende de Heer Job, meer nog dan tevoren, en hij kreeg veertienduizend schapen, duizend koppel runderen en duizend ezelinnen. Hij kreeg ook zeven zonen en drie dochters. De eerste noemde hij Jemina, de tweede Kesia en de derde Keren-Happuk. Er waren in het hele land geen vrouwen te vinden, zo mooi als de dochters van Job, en hun vader gaf hun een erfdeel evenals aan haar broers.
Daarna leefde Job nog honderdveertig jaar, en hij zag zijn kinderen en kleinkinderen tot in het vierde geslacht. Toen stierf Job, hoogbejaard en levensmoe.

Antwoordpsalm

Ps. 119 (118), 66, 71, 75, 91, 125, 130

Refrein: Laat voor uw dienaar uw Aangezicht stralen, Heer.

Verleen mij dan inzicht en wijsheid,
want op uw geboden stel ik mijn hoop.

De kwelling was mij een weldaad,
zo leerde ik wat Gij beschikt.

Rechtvaardig is wat Gij bepaalt, Heer, ik weet het,
Gij hebt mij terecht gestraft.

Zoals Gij bepaald hebt, zo is het voor immer,
want al wat bestaat dient U.

Uw dienaar ben ik, geef mij verstand
om wat Gij verordent te kennen.

De uitleg van uw woorden geeft klaarheid,
schenkt wijsheid aan wie onervaren is.

Evangelie

Lc. 10, 17-24

In die tijd keerden de tweeënzeventig vol blijdschap terug en zeiden: “Heer, zelfs de duivels onderwerpen zich aan ons door uw Naam.” Jezus zei hen: “Ik zag de satan als een bliksemstraal uit de hemel vallen. Ik heb u macht gegeven op slangen en schorpioenen te treden, te heersen over heel de kracht van de vijand; en niets zal u kunnen schaden. Toch moet ge u niet verheugen over het feit dat de duivels aan u onderworpen zijn, maar verheugt u omdat uw namen staan opgetekend in de hemel.” Op dat uur jubelde Hij het uit, vervuld van de heilige Geest, en Hij sprak: “Ik prijs U Vader, Heer van hemel en aarde, omdat Gij deze dingen verborgen gehouden hebt voor wijzen en verstandigen, maar ze hebt geopenbaard aan kinderen. Ja Vader, zo heeft het U behaagd.
Alles is Mij door mijn Vader in handen gegeven. Niemand weet wie de Zoon is tenzij de Vader; en wie de Vader is tenzij de Zoon en hij aan wie de Zoon Hem wil openbaren.” Daarop keerde Hij zich naar zijn leerlingen afzonderlijk en Hij zei tot hen: “Gelukkig de ogen die zien wat gij ziet. Ik zeg u: Vele profeten en koningen verlangden te zien wat gij ziet maar zij hebben het niet gezien; en te horen wat gij hoort maar zij hebben het niet gehoord.”