24 september 2026 ✝ Donderdag in de 25e week door het jaar

Lezingen

Evangelielezing

Lezing

Hymne

711

Psalmen

836

Lauden

Hymne

713

Psalmen

838

KS

841

Middaggebed

Hymne

758

Psalmen

842

KS

845

Vespers

Hymne

714

Psalmen

846

KS

849

Completen

Hymne

682

Psalmen

1209

Eerste lezing

Pred. 1, 2-11

IJdelheid der ijdelheden, zegt de Prediker, ijdelheid der ijdelheden en alles is ijdelheid. Wat heeft de mens voor baat bij al het gezwoeg, waarmee hij zich aftobt onder de zon? Er gaat een geslacht en er komt een geslacht en de aarde blijft steeds maar bestaan. De zon komt op, de zon gaat onder en haast zich alweer naar haar plaats, en komt daar weer op en beweegt naar het Zuiden en draait naar het Noorden. En de wind blijft draaien en gaat maar voort en de wind komt terug op zijn kringloop. Alle rivieren stromen de zee in en de zee wordt niet vol. Vanwaar de rivieren zijn uitgegaan, daar keren zij weer om opnieuw te stromen. Al die dingen, voortdurend in werking, vermag de mens niet op te sommen. Het oog raakt niet verzadigd van zien, het oor niet verzadigd van horen. Dat wat er gebeurd is, zal nog eens gebeuren en wat er gedaan is, wordt nog eens gedaan, en er is niets nieuws onder de zon. Zegt men van iets: “Kijk, dat is nieuw!” dan heeft het al eerder bestaan in de eeuwen, die vóór ons geweest zijn. Aan de mensen van vroeger dacht men niet meer en evenmin blijft een volgend geslacht in herinnering bij hen die weer later komen.

Antwoordpsalm

Ps. 90 (89), 3-4, 5-6, 12-13, 14, 17

Refrein: Gij, Heer, zijt steeds onze toevlucht geweest,
voor ieder geslacht opnieuw.

Wat sterfelijk is vergaat weer tot stof,
Gij zegt: keer terug, kind van mensen!
Voor U zijn duizend jaren één dag,
als gisteren dat al voorbij is,
een uur van slaap in de nacht.

Ons leven breekt af als een droom in de ochtend,
kortstondig is het als gras op het veld.
Des morgens ontkiemt het en schiet het op,
des avonds is het verwelkt.

Leer ons onze dagen naar waarde te schatten
en zo te komen tot wijsheid van hart.
Laat af, Heer, hoe lang nog pijnigt Gij ons?
wees toch uw dienaars genadig.

Verleen ons van nu af uw rijkste zegen
en laat heel ons leven gelukkig zijn.
Uw zegen, Heer God, moge over ons waken,
bestuur onze handen bij al wat zij doen.

Evangelie

Lc. 9, 7-9

In die tijd hoorde de viervorst Herodes alles wat er gebeurde en hij wist niet wat hij ervan denken moest. Sommigen immers zeiden: “Johannes is verrezen uit de doden”; anderen: “Elia is verschenen”; en weer anderen: “een van de oude profeten is opgestaan”. Maar Herodes zei: “Johannes heb ik onthoofd. Wie kan dat zijn over wie ik dergelijke verhalen hoor?” Hij wilde Jezus daarom te zien krijgen.