
We kwamen voorbij een oude toren of drie, nog een poort, twee deuren en we waren aan de kerk van sint Salvators.
Boven de drie of vier poorten, zijn er prachtige grote stenen beelden en uitgekapte taferelen allemaal in mensengrootte.‘s Avonds vonden we onze wagon van tweede klasse. Ik was blij weer in ons gewoon logement te mogen slapen.
Ik sliep veel rapper en vaster in die ‘schommelwiege’ in de cabine als op de vasten grond.




