In de vorige reeks edities van Mystieke Lectuur hebben we verder geprobeerd om de realiteit van ons geestelijk leven van nabij te bekijken. Daarbij eindigden we met het Spirituele dagboek van Lucie Christine, waarin we gezien hebben dat ze zich bij haar gebed en meditatie liet helpen door het boekje De Navolging van Christus van Thomas a Kempis.
In heel deze tocht hebben we gezien dat de hele leerschool van het gebed erin bestaat om in niets de werking van God in ons te belemmeren. Wij kunnen zelf niets bewerkstelligen of produceren in het christelijk leven; wij hebben enkel de draden of koorden door te knippen die ons vasthouden en ons belemmeren om op te stijgen, om een waar kind van God te worden, in eenvoud en nederigheid van hart. We stonden dus stil bij Sint-Jan van het Kruis, die het beeld van een koordje gebruikt dat volstaat om een vogel te beletten te vliegen. Meer dan het koordje doorknippen is niet nodig opdat de vogel weer zonder moeite kan vliegen.




