Lezing
Hymne
1668
Psalmen
821
Lauden
Hymne
1357
Psalmen
824
KS
1669
Middaggebed
Hymne
758
Psalmen
828
KS
830
Vespers
Hymne
1357
Psalmen
832
KS
1673
Completen
Hymne
682
Psalmen
1208
H. Marta, Maria en Lazarus
Vrienden van de Heer
Marta was de zuster van Maria van Betanië en van Lazarus. Zij ontving de Heer gastvrij in haar huis, bediende Hem aan tafel en verkreeg later, op haar gebed, het wonder van de opwekking van Lazarus. Marta was de zuster van Maria en van Lazarus; zij ontvingen de Heer gastvrij in hun huis; Marta bediende Hem zorgvuldig en Maria luisterde eerbiedig naar Hem. Met gebeden smeekten Marta en Maria om de opwekking van hun broer.
Eerste lezing
Ex. 33, 7-11a; 34, 5b-9. 28
In die dagen sloeg Mozes telkens de tent op buiten het kamp, op een behoorlijke afstand; hij noemde haar: tent van samenkomst. Iedereen die de Heer iets wilde vragen ging naar deze tent buiten het kamp. Als Mozes zich naar de tent begaf gingen alle mensen voor de ingang van hun tent staan, en bleven hem nakijken tot hij in de tent was verdwenen. En als Mozes dan binnen was, daalde de wolkkolom neer en bleef staan boven de ingang van de tent. Dan sprak de Heer tot Mozes. Zodra de mensen de wolkkolom boven de ingang van de tent zagen staan bogen zij zich neer bij de ingang van hun tent. De Heer sprak dan tot Mozes van aangezicht tot aangezicht, zoals een mens met zijn medemens spreekt. En Mozes riep de naam ‘Heer’ uit. De Heer ging Mozes voorbij en riep: “Heer! God de Heer is een barmhartige en medelijdende God, groot in liefde en trouw, die goedheid bewijst aan duizenden, die misdaden, overtredingen en zonden vergeeft, maar een schuldige niet ongestraft laat, en de misdaden van de vaders straft in hun kinderen en kleinkinderen, in het derde en vierde geslacht.” Onmiddellijk viel Mozes op zijn knieën en boog zich neer. Toen sprak hij: “Och Heer, wees zo goed en trek met ons mee. Dit volk is wel halsstarrig maar vergeef toch onze misdaden en zonden, en beschouw ons als uw eigen bezit.” Mozes bleef daar veertig dagen en veertig nachten bij de Heer, zonder te eten of te drinken. En de Heer grifte de bepalingen van het verbond, de tien geboden, in de stenen platen.
Antwoordpsalm
Ps. 59 (58), 2-3, 4-5a, 10-11, 17, 18
Refrein:
God is mijn toevlucht in dagen van nood.
Verlos mij, mijn God, uit de macht van mijn vijand,
bescherm mij wanneer men mij overvalt.
Bevrijd mij van hen die onrecht bedrijven,
van mannen die dorsten naar bloed.
Want zie, zij belagen gedurig mijn leven,
de machthebbers trekken één lijn tegen mij.
Toch heb ik geen misdaad, geen zonde bedreven.
Mijn sterkte, op U alleen stel ik mijn hoop,
want Gij zijt mijn God, mijn beschermer.
Verleen mij uw bijstand, genadige God.
Maar ik zal voortdurend uw macht bezingen,
van ochtend tot avond uw goedheid voor mij.
Want Gij zijt voor mij een sterke burcht,
een toevlucht in dagen van nood.
Mijn sterkte zijt Gij, voor U wil ik zingen,
Gij zijt mijn beschermer, genadige God.
Evangelie
Joh. 11, 19-27
In die tijd waren vele Joden naar Martha en Maria gekomen om hen te troosten over het verlies van hun broer. Zodra Marta hoorde dat Jezus op komst was ging zij Hem tegemoet; Maria echter bleef thuis. Marta zei tot Jezus: “Heer, als Gij hier waart geweest zou mijn broer niet gestorven zijn. Maar zelfs nu weet ik, dat, wat Gij ook aan God vraagt, God het U zal geven.” Jezus zei tot haar: “Uw broer zal verrijzen.” Marta antwoordde: “Ik weet dat hij zal verrijzen, bij de verrijzenis op de laatste dag.” Jezus zei haar: “Ik ben de verrijzenis en het leven. Wie in Mij gelooft zal leven ook al is hij gestorven, en ieder die leeft in geloof aan Mij zal in eeuwigheid niet sterven. Gelooft gij dit?” Zij zei tot Hem: “Ja, Heer, ik geloof vast dat Gij de Messias zijt, de Zoon Gods die in de wereld komt.”





