31 juli ✝ Woensdag in de 17e week door het jaar

Lezingen

Heilige van de dag

H. Ignatius van Loyola, priester

Evangelielezing

Lezing

Hymne

1626

Psalmen

821

Lauden

Hymne

1628

Psalmen

824

KS

1629

Middaggebed

Hymne

758

Psalmen

828

KS

830

Vespers

Hymne

1633

Psalmen

832

KS

1635

Completen

Hymne

682

Psalmen

1208

H. Ignatius van Loyola, priester

Ignatius werd in 1491 in Loyola in het Baskenland geboren. Vóór zijn bekering verbleef hij aan het koninklijk hof en was hij in het leger. In Parijs voltooide hij zijn theologische studies en kreeg hij zijn eerste volgelingen die hij later te Rome omvormde tot een religieuze gemeenschap, bekend als het gezelschap van Jezus. Hij oefende een vruchtbaar apostolaat uit door zijn geschriften en door de vorming van leerlingen die zich zeer verdienstelijk maakten voor de kerkelijke vernieuwing. Hij stierf te Rome in het jaar 1556.

Eerste lezing

Jer. 15, 10. 16-21
Waarom komt er geen eind aan mijn smart? Neem uw woorden terug, spreekt de Heer, en dan neem Ik u weer in mijn dienst.

Uit de Profeet Jeremia

Wee mij, moeder, dat gij mij het leven schenkt,
een man met wie het hele land strijdt en twist.
Ik heb niets uitgeleend en niets in leen ontvangen,
en toch vervloekt mij iedereen.

Zodra uw woord mij bereikte, Heer, verslond ik het,
het was mijn vreugde,
het maakte mij zielsgelukkig.
Ik draag immers uw naam, U behoor ik toe,
Heer, God van de hemelse machten.
Nooit zat ik in vrolijk gezelschap,
nooit heb ik vreugde gekend.
Ik leefde eenzaam
en was van uw toorn vervuld.
Waarom komt er geen eind aan mijn smart,
waarom is mijn wonde niet te helen,
waarom wil ze niet genezen?
Gij zijt voor mij een onbetrouwbare beek
waarop geen staat valt te maken.

Daarop antwoordde de Heer:
„Neem uw woorden terug,
dan neem Ik u weer in mijn dienst.
„Spreek een edele, geen onwaardige taal,
dan moogt ge weer mijn tolk zijn.
„Zij moeten zich richten naar u,
gij moogt u niet richten naar hen.
„Dan maak Ik u voor dit volk
tot een onneembare, koperen muur.
„Ze zullen u bestrijden,
maar u niets kunnen doen,
want Ik ben bij u
om u te helpen en u te redden
– zo luidt de godsspraak van de Heer –,
Ik red u uit de greep van de machtigen.”

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Antwoordpsalm

Ps. 59 (58), 1-3, 4-5a, 10-11, 17,18

R: God is mijn toevlucht in dagen van nood.

Verlos mij, mijn God, uit de macht van mijn vijand,
bescherm mij wanneer men mij overvalt.

Bevrijd mij van hen die onrecht bedrijven,
van mannen die dorsten naar bloed.

Want zie, zij belagen gedurig mijn leven,
de machthebbers trekken één lijn tegen mij.

Toch heb ik geen misdaad, geen zonde bedreven.
Mijn sterkte, op U alleen stel ik mijn hoop,
want Gij zijt mijn God, mijn beschermer.

Verleen mij uw bijstand, genadige God.
Maar ik zal voortdurend uw macht bezingen,
van ochtend tot avond uw goedheid voor mij.

Want Gij zijt voor mij een sterke burcht,
een toevlucht in dagen van nood.

Mijn sterkte zijt Gij, voor U wil ik zingen,
Gij zijt mijn beschermer, genadige God.

Vers voor het Evangelie

Ps. 119 (118), 36a, 29b

Alleluia.
Mijn hart zij gericht op wat Gij verordent, Heer;
geef mij uw wet als gids.
Alleluia.

Almachtige God,
zuiver mijn hart en mijn lippen,
sterk mij om uw evangelie in eerbied te verkondigen.

Evangelie

Mt. 13, 44-46
Hij ging alles verkopen wat hij bezat en kocht die akker.

De Heer zij met u.
allen: En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs
allen: Lof zij U, Christus.

In die tijd zei Jezus tot de menigte:
„Het Rijk der hemelen
gelijkt op een schat, verborgen in een akker.
„Toen iemand hem vond verborg hij hem weer en in zijn blijdschap
ging hij alles te gelde maken wat hij bezat en kocht die akker,
„Ook gelijkt het Rijk der hemelen
op een koopman, op zoek naar mooie parels.
„Toen hij een parel van grote waarde had gevonden,
ging hij alles verkopen wat hij bezat en kocht haar.”

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Mogen door de woorden van het evangelie
onze zonden worden uitgewist.