30 januari ✝ Vierde zondag door het jaar

Lezingen

Heilige van de dag

H. Mutien-Marie Wiaux

Evangelielezing

Lezing

Hymne

693

Psalmen

1100

Lauden

Hymne

697

Psalmen

1103

KS

1107

Middaggebed

Hymne

758

Psalmen

1108

KS

1110

Vespers

Hymne

699

Psalmen

1110

KS

1114

Completen

Hymne

682

Psalmen

1203

H. Mutien-Marie Wiaux

kloosterling

Openingstekst

Ps.106 (105), 47

Red ons, Heer onze God;
breng ons bijeen, waar wij ook zijn.
Dan verheerlijken wij uw heilige Naam
en zeggen U dank voor uw glorie.

Eerste lezing

Jer. 1, 4-5. 17-19
Ik heb u bestemd tot profeet voor de volken.

Uit de Profeet Jeremia

4In die dagen kwam het woord van de Heer tot mij:
5„Voordat Ik u in de moederschoot vormde, kende Ik u;
voordat ge geboren werd, heb Ik u mij voorbehouden,
tot profeet voor de volken heb Ik u bestemd.
17„Omgord dan uw lenden;
sta op en zeg tot het volk
alles wat Ik u opdraag.
„Laat u door hen niet afschrikken;
anders jaag Ik u voor hun ogen de schrik op het lijf.
18„Ikzelf maak u heden
tot een versterkte stad, een ijzeren zuil,
een koperen muur tegenover het hele land,
voor de koningen en edelen van Juda,
de priesters en de burgers van het land.
19„Zij zullen u bestrijden, maar niets tegen u vermogen.
Want Ik ben bij u om u te redden.”
Zo spreekt de Heer.

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Antwoordpsalm

Ps. 71 (70), 1-2, 3-4a, 5-6ab, 15ab en 17

R: Mijn tong zal uw rechtvaardigheid prijzen.

Tot U, Heer, neem ik mijn toevlucht,
stel mij toch nimmer teleur.

Gij zijt rechtvaardig, red en bevrijd mij,
luister en kom mij te hulp.

Wees mij een vluchtoord, een veilige plaats;
mijn rots en mijn burcht zijt Gij altijd geweest.

Bevrijd mij, mijn God, uit de handen der zondaars,
de vuist die mij wreed omklemt.

Want Gij, mijn God, Gij zijt mijn verwachting,
mijn hoop zijt Gij, Heer, sinds mijn vroegste jeugd.

Vanaf de moederschoot steun ik op U,
Gij waart mijn beschermer sinds mijn geboorte.

Ik zal uw rechtvaardigheid prijzen,
uw bijstand de hele dag.

Van jongsaf heb ik het ondervonden,
en nu nog prijs ik uw daden.

Tweede lezing

1 Kor. 12, 31 – 13, 13 of 13, 4-13
Geloof, hoop en liefde blijven, maar de grootste is de liefde.

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte

Broeders en zusters,

(31Gij moet naar de hoogste gaven streven.
Maar eerst wijs ik u een weg die verheven is boven alles.

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Vers voor het Evangelie

Joh. 1, 14 en 12b

Alleluia.
Het woord is vlees geworden
en het heeft onder ons gewoond.
Aan allen die Hem aanvaardden
gaf Hij het vermogen om kinderen van God te worden
Alleluia.

Evangelie

Lc. 4, 21-30
Jezus wordt zoals Elia en Elisa niet tot de Joden alleen gezonden.

De Heer zij met u.
allen: En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas.
allen: Lof zij U, Christus.

21In die tijd begon Jezus in de Synagoge te spreken:
„Het Schriftwoord dat gij zojuist gehoord hebt
is thans in vervulling gegaan.”
22Allen betuigden Hem hun instemming
en verbaasden zich,
dat woorden, zo vol genade uit zijn mond vloeiden.
Ze zeiden
„Is dat dan niet de zoon van Jozef?” 2
3Hij zei hun:
„Natuurlijk zult ge Mij dit spreekwoord voorhouden:
Geneesheer, genees uzelf:
doe al wat, naar wij vernamen, in Kafarnaüm gebeurd is,
nu ook hier in uw vaderstad.”
24Maar Hij gaf er dit antwoord op:
„Voorwaar, Ik zeg u:
geen profeet wordt aanvaard in zijn eigen vaderstad.
25„En het is waar wat Ik u zeg:
in de tijd van Elia immers,
toen de hemel drie jaar en zes maanden gesloten bleef
en een grote hongersnood uitbrak over het hele land,
waren er veel weduwen in Israël;
26toch werd Elia tot niemand van haar gezonden
dan tot een weduwe te Sarepta, in het gebied van Sidon.
27„En in de tijd van de profeet Elisa
waren er vele melaatsen in Israël;
toch werd niemand van hen gereinigd,
behalve de Syriër Naäman.”
28Toen ze dit hoorden
werden allen die in de synagoge waren woedend.
29Ze sprongen overeind,
joegen Hem de stad uit en dreven Hem voort
tot aan de steile rand van de berg
waarop hun stad gebouwd was,
om Hem daar in de afgrond te storten.
30Maar Hij ging midden tussen hen door en vertrok.

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Communievers

Ps. 31(30),17-18

Heer, toon uw dienaar het licht van uw aanschijn
en red mij door uw genade.
Ik roep U aan; Heer, wijs mijn gebed niet af!

Menu sluiten