27 februari ✝ Dinsdag in de tweede week van de veertigdagentijd

Lezingen
Heilige van de dag

Z. Maria van Jezus

Evangelielezing

Lezing

Hymne

742

Psalmen

914

Lauden

Hymne

742

Psalmen

918

KS

228

Middaggebed

Hymne

762

Psalmen

922

KS

209

Vespers

Hymne

740

Psalmen

925

KS

229

Completen

Hymne

682

Psalmen

1206

Z. Maria van Jezus

gedachtenis*

De zalige Maria van Jezus Deluil-Martiny werd geboren te Marseille op 28 mei 1841. Met de hulp van een vroom prelaat richtte zij in 1873 te Berchem-Antwerpen het instituut op van de Dochters van het Heilig Hart van Jezus, met als voornaamste bedoeling de aanbidding van het heilig Sacrament, het eerherstel en de geestelijke bijstand voor priesters in hun apostolaat.

Op 27 februari 1884 viel zij onder de kogels van een anarchist in de tuin van haar klooster te Marseille. Zij schonk haar moordenaar nog vergiffenis. Op 22 oktober 1989 werd zij door paus Johannes-Paulus II zalig verklaard. Haar lichaam rustte in de basiliek te Berchem-Antwerpen.

 

Openingstekst

Ps. 13 (12), 4-5

Schenk licht aan onze ogen,
houd de doodsslaap ver van ons.
Laat onze tegenstanders niet zeggen:
wij hebben de overhand.

Eerste lezing

Jes. 1, 10.16-20
Leer het goede te doen en onderhoud het recht.

Uit de Profeet Jesaja

Luister! Het woord van de Heer!
„Ga u wassen, ga u reinigen;
uit mijn ogen met uw boze daden!
Houd op met kwaad doen, leer het goede te doen,
onderhoud het recht, help de verdrukte,
verdedig de wees, pleit voor de weduwe.
Kom dan – zegt de Heer – laten we het uitpraten:
Al zijn uw zonden rood als scharlaken,
zij zullen wit worden als sneeuw;
al zijn ze als purper zo rood,
ze zullen blank worden als wol.
Als ge gewillig wilt zijn en luisteren
zult ge het goede der aarde genieten,
maar als ge blijft weigeren en u verzetten
zal het zwaard u verdelgen.”

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Antwoordpsalm

Ps. 50 (49), 3-9, 16bc-17, 21, 23

R:    Wie rechte wegen gaat, die vindt het heil van God.

Ik maak u over offers geen verwijt:
uw offerdieren zie Ik aldoor branden.
Ik wil geen stier meer hebben uit uw huizen
en rammen uit uw schaapskooi vraag Ik niet.

Wat spreekt ge aldoor over mijn geboden
en hebt ge mijn verbond steeds op de tong?
Gij die van tucht een afkeer hebt
en nimmer acht slaat op mijn woorden.

Zou Ik dan zwijgen als gij zoiets doet?
Of meent ge soms dat Ik aan u gelijk ben?
Ik klaag u aan, Ik leg u alles voor.
Wie offers brengt van lof, die eert Mij waarlijk,
wie rechte wegen gaat, die vindt het heil van God.

Vers voor het Evangelie

Ez. 18, 31

Werpt alle overtredingen die gij begaan hebt,
van u weg, zegt de Heer,
en vernieuwt uw hart en uw geest.

Evangelie

Mt. 23, 1-12
Zelf handelen zij niet naar hun woorden.

De Heer zij met u.
allen: En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs
allen: Lof zij U, Christus.

In die tijd sprak Jezus tot het volk en tot zijn leerlingen:
„Op de leerstoel van Mozes
hebben de schriftgeleerden en de Farizeeën plaats genomen.
Doet en onderhoudt daarom alles wat zij u zeggen,
maar handelt niet naar hun werken;
want zelf handelen ze niet naar hun woorden.
Zij maken bundels van zware,
haast ondraaglijke lasten
en leggen die de mensen op de schouders,
maar zelf zullen ze er geen vinger naar uitsteken.
Alles wat zij doen
doen zij om bij de mensen op te vallen;
zij maken immers hun gebedsriemen breed
en hun kwasten groot,
ze zijn belust op de ereplaats bij de maaltijden
en de voornaamste zetels in de synagogen,
ze laten zich graag groeten op de markt
en willen door de mensen rabbi genoemd worden.
Maar gij moet u geen rabbi laten noemen.
Gij hebt maar één Meester en gij zijt allen broeders.
En noemt niemand van u op aarde ‘vader’;
gij hebt maar één Vader, de hemelse.
En laat u ook geen ‘leraar’ noemen;
gij hebt maar één leraar, de Christus.
Wie de grootste onder u is moet uw dienaar zijn.
Alwie zichzelf verheft zal vernederd
en wie zichzelf vernedert zal verheven worden.”

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Communievers

Ps. 9 (9A), 2-3

Al uw wonderen zullen wij verhalen.
Verheugd en opgetogen over wat Gij doet,
willen wij uw Naam bezingen, Allerhoogste.

Dit bericht heeft 1 reactie

  1. kris Audoore

    Dank voor de Lezingendienst on-line en Liturgische Kalender

    kris Addis Ababa ETHIOPIA

Een reactie achterlaten