1 juni ✝ Woensdag in de zevende week van Pasen

Lezingen

Heilige van de dag

H. Justinus

Evangelielezing

Lezing

Hymne

1609

Psalmen

1040

Lauden

Hymne

1613

Psalmen

1043

KS

1614

Middaggebed

Hymne

764

Psalmen

1047

KS

420

Vespers

Hymne

1618

Psalmen

1051

KS

1621

Completen

Hymne

682

Psalmen

1207

H. Justinus

martelaar

De wijsgeer en martelaar Justinus werd in het begin van de tweede eeuw te Flavia Neapolis in Samaria (het huidige Nabloes) uit heidense ouders geboren. Na zijn bekering tot het christendom schreef hij verscheidene werken ter verdediging van het geloof; slechts twee apologieën en de Dialoog met Tryfo zijn voor het nageslacht bewaard gebleven. Te Rome opende hij een wijsgerige school en hield er openbare debatten. Met andere christenen onderging hij de marteldood ten tijde van Marcus Aurelius, omstreeks het jaar 163.

Eerste lezing

Hand. 20, 28-38
Ik vertrouw u toe aan God, die de macht bezit op te bouwen en u het erfdeel te verlenen.

Uit de Handelingen van de Apostelen

In die dagen zei Paulus tot de oversten van de kerk van Éfeze:
“Geeft acht op uzelf, en op heel de kudde
waarover de heilige Geest u tot leiders heeft aangesteld
om Gods Kerk te hoeden
die Hij zich verwierf door het bloed van zijn eigen Zoon.
Ik weet dat er na mijn vertrek
grimmige wolven bij u zullen binnendringen,
die de kudde niet zullen sparen,
en dat ook uit uw eigen midden mannen zullen opstaan,
die verkeerde dingen zullen verkondigen
om de leerlingen mee te krijgen.
Weest daarom waakzaam
en vergeet niet dat ik onophoudelijk
– drie jaar lang, dag en nacht –
ieder van u onder tranen het goede heb voorgehouden.
En thans vertrouw ik u toe aan God,
en aan het woord van zijn genade
dat de macht bezit op te bouwen
en u het erfdeel te verlenen met alle geheiligden.
Zilver, goud of kleding heb ik van niemand verlangd.
Gij weet zelf
dat deze handen voorzien hebben in mijn eigen behoeften
en in die van mijn gezellen.
In alles heb ik u getoond
dat men door zo te arbeiden de zwakken te hulp moet komen,
en dit gij de woorden van de Heer Jezus indachtig moet zijn.
Hij heeft immers gezegd:
Het is zaliger te geven dan te ontvangen.”
Na deze woorden knielde hij met allen neer en bad.
Allen begonnen luid te wenen,
vielen Paulus om de hals en kusten hem,
vooral bedroefd omdat hij gezegd had
dat ze hem niet meer zouden terugzien.
Daarna deden ze hem uitgeleide naar het schip.

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Antwoordpsalm

Ps. 68 (67), 29-30, 33-35a, 35b-36c

R:       Zingt nu voor God, koninkrijken der aarde.
of:
Alleluia.

Laat allen, o God, uw macht ondervinden,
de macht waarmee Gij voor ons opkomt.
Laat koningen met hun geschenken
versieren uw heiligdom in Jeruzalem.

Zingt nu voor God, koninkrijken der aarde
Hij komt naderbij langs het hemelgewelf.
Daar klinkt zijn stem met machtig geluid
erkent nu Gods heerschappij.

Zijn grootheid verschijnt boven Israëls velden,
in dreigende wolken zijn kracht.
Vreeswekkend is God in zijn heilig domein,
Hij schenkt zijn volk vermaardheid en sterkte
gezegend zij Israëls God!

Vers voor het Evangelie

Kol. 3, 1

Alleluia.
Als gij dan met Christus ten leven zijt gewekt
zoekt wat boven is,
daar waar Christus zetelt aan de rechterhand Gods.
Alleluia.

Evangelie

Joh. 17, 11b-19
Dat gij één mogen zijn zoals Wij!

De Heer zij met u.
allen: En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes.
allen: Lof zij U, Christus.

In die tijd sloeg Jezus zijn ogen ten hemel en zei:
“Heilige Vader,
bewaar in uw Naam hen die Gij Mij gegeven hebt,
opdat zij één mogen zijn zoals Wij.
Toen Ik bij hen was
bewaarde Ik in uw Naam hen die Gij Mij hebt gegeven.
Ik heb over hen gewaakt
en niemand van hen is verloren gegaan
behalve de man des verderfs,
want de Schrift moest vervuld worden.
Maar nu kom Ik naar U toe
en nog in de wereld zeg Ik dit,
opdat zij mijn vreugde ten volle in zich zouden bezitten.
Ik heb hun uw woord meegedeeld,
maar de wereld heeft hen gehaat
omdat zij niet van de wereld zijn
zoals Ik niet van de wereld ben.
Ik bid niet dat Gij hen uit de wereld wegneemt,
maar dat Gij hen bewaart voor het kwaad.
Zij zijn niet van de wereld
zoals Ik niet van de wereld ben.
Wijd hen U toe in de waarheid.
Uw woord is waarheid.
Zoals Gij Mij in de wereld gezonden hebt,
zo zend Ik hen in de wereld,
en omwille van hen wijd Ik Mij aan U,
opdat ook zij in de waarheid aan U toegewijd mogen zijn.”

Woord van de Heer.
allen: Wij danken God.

Menu sluiten